live travelling family0

Er is geen concreet plan, alleen een duidelijk doel. Ze willen reizen en vrij zijn. De drie dochters, Hindi, Helena en Hannah zijn op dat moment 9, 10 en 11 jaar.  “O, jullie willen op reis? Wat is jullie plan dan en waar gaan we heen? was onze eerste reactie,” vertelt Hannah. “Het was ook een vraag aan ons. We mochten mee, maar moesten helemaal niets. Als het niet ging, dan ging het niet.”

De familie zoekt eerst naar campers, maar kunnen geen betaalbare optie vinden. Er blijven twee opties over: fietsen of wandelen. “We kozen unaniem wandelen want bergen omhoog fietsen zagen we helemaal niet zitten,” lacht Helena. 

Waarom besluiten drie jonge meiden om school achter te laten en mee te gaan?

“We deden het alle drie niet meer zo goed op school en voelden ons er niet meer thuis, dus eigenlijk kwam het ons allemaal wel goed uit,” zegt Hindi. “Toch was de keuze niet zo makkelijk. Ik moest er wel even goed over nadenken. Wil ik dit wel, zomaar alles achterlaten? Al heel snel kwam ik erachter: dit moet ik doen, anders word ik iemand die ik misschien niet wil zijn.” 

Hannah voelde hetzelfde. “Ik had niet echt een goede band met de andere kinderen op school. Ik miste ze dus niet echt toen we op reis vertrokken. Ik was vrij, ik had geen regels meer en dat was heel fijn,” vertelt Hannah. 

Helena vertelt dat er één persoon was waar ze echt afscheid van hadden genomen. “Zij was misschien de enige die echt wist dat we zouden gaan wandelen. We vertelden het niet aan anderen. Dan zouden we te veel vragen krijgen en eigenlijk wisten we niet hoe we daarop moesten antwoorden.” 

De familie wandelt in 42 dagen naar zuiden van Frankrijk. “Papa kerfde iedere dag een streepje op zijn wandelstok en uiteindelijk stonden er 42 streepjes op. 

Van daaruit gaan ze met de bus, de trein en verder te voet naar het zuiden van Portugal tot ze bij mensen komen die de familie graag wilden helpen. 

“We woonden op een heuvel in een oud huisje, met bos en veel dieren. Het was een fantastische plek om te wonen. Het was er zo rustig, we hadden schapen en een hond. Ik zou er zo terug naar toe willen,” vertelt Hindi met pretoogjes. 

Na anderhalf jaar besluit de familie terug naar Nederland te fietsen, een tocht van 92 dagen. Gemiddeld fietsen ze tussen 50 en 70 kilometer per dag. Alleen als er heel veel heuvels zijn, fietsen ze minder ver. 

En onderwijs?

De ouders nemen hun drie dochters mee op reis, maar hoe leren de kinderen onderweg?

“We hebben school helemaal losgelaten. We wilden vrij zijn, dus we kregen geen thuisonderwijs” vertelt Hannah overtuigd. “We hadden geen stress meer over toetsen. Zoals, wat als ik deze toets niet haal? Kan ik dan wel naar de middelbare school? Dat was heel erg fijn.” 

Hindi vertelt dat de reis hun heel andere dingen leert. “Ik leerde onderweg vooral heel veel over mezelf. Veel meer dan ik op school zou leren. Onze ouders willen heel graag dat we ons ontwikkelen als personen, dat we goed in de wereld staan en weten wie we zijn. We hebben geleerd om onszelf te zijn, te zijn wie we zijn.”

 “We laten ons leiden door wat het leven brengt,” vult Helena aan, “Onderweg ontmoeten we heel veel mensen waardoor we talen leerden. We leerden Duits, Engels en een beetje Portugees” 

De meiden krijgen misschien wat minder wiskunde, maar leren talen, aardrijkskunde, geschiedenis. Aan lichamelijke opvoeding ontbreekt het evenmin. 

Hoe drie meiden leren doorzetten en bergen overwinnen

 “We hielden niet van heuvels, maar er is onderweg geen andere optie dan er overheen gaan als je verder wilt. Er komt altijd een einde aan. Het is gewoon je gedachten uitzetten en gaan,” vertelt Hannah. 

“Dat is wel echt iets wat ik moest leren,” vult Helena aan. “In het begin van het fietsen had ik er heel weinig zin in en was allesbehalve meegaand. Achter een snackbar in Portugal heb ik samen met mama en papa alles eruit gehuild, me eroverheen gezet en besloten om door te zetten. In diezelfde snackbar mochten we ’s avonds trouwens overnachten, tussen de frieten en de hamburgers. Eigenlijk ben ik iemand die het meest wil bereiken met de minste inspanning, maar soms moet je echt een inspanning doen om ergens overheen te komen.”

“Het hoofd is de boosdoener want het lichaam kan het wel aan. Ons hoofd gaat de hele tijd excuses zoeken om iets niet te moeten doen. Dus als we ons hoofd even kunnen uitzetten, kunnen we de bergen echt wel aan,” vult Hindi aan. 

“Als het heel warm is en we moeten weer een berg op, dan ik kan ik wel even vervelend zijn. Moet we nu echt deze heuvel op. Buiten adem zit ik dan nog steeds te vloeken. Die boosheid met energie om de heuvel op te komen,” zegt Helena.  

Hindi volgt een andere tactiek. “Ik probeer mij te concentreren en kijk naar beneden, naar mijn banden, om niet te zien hoe ver ik nog omhoog moet. Zo lijk ik plots veel sneller naar boven te fietsen.”

Hannah tot slot probeert haar hoofd uit zetten. “Als ik mijn hoofd uitzet en gewoon omhoog fiets, sta ik plots boven en realiseer mij dat het helemaal niet zo moeilijk was.” De grootste beloning komt als je boven bent want dan mogen we naar beneden. Wat ben ik blij dat we hier niet naar boven moeten, denk ik dan, lacht Hannah. 

Waar de wind ons brengt

Hindi vertelt dat ze één keer de kaart in handen kreeg om de route te leiden die dag. In plaats van rond een grote berg te fietsen, gingen ze er overheen. Dat vertelde papa pas toen ze boven stonden. “Oké, beter naar de kaart leren kijken, ietsje minder in mijn hoofd blijven zitten,” leerde Hindi toen.

“Voor de reis door Europa willen we vaker de kaart op ons stuur hebben en de route mogen beslissen,” vult Hannah. 

Mama wil ons nu heel graag Duitsland, Oostenrijk en Zwitserland laten zien. Waarschijnlijk gaan we daar heen, maar toen we hier aan het fietsen waren, kregen we een heel leuk idee. “Laten we gaan fietsen waar de wind in onze rug waait,” vertelt Hannah aan.

De landen die ze zelf graag willen zien, weten ze heel erg goed.

Hindi: ”Schotsland”
Helena: “Italië”
Hannah: “Amerika”

De echte droom?

Ook op het volgende avontuur rollen de drie meiden achter mama en papa aan, maar waar dromen ze zelf van?

Hindi weet het wel. “Ik wil een leuk huis in Portugal of Italië met een mooi zwembad, een tuin met dieren en daar gewoon zijn. Langs de ene kant vind ik het fijn om onderweg te zijn, maar langs is het permanent verplaatsen ook heel vermoeiend. Als je net vrienden hebt gemaakt en we dan weer verder gaan. Het liefst wil ik toch een plek waar we langer blijven.”

Helena heeft een heel andere droom. “Ik heb al heel lang het verlangen om naar Japan te gaan. Het ziet er prachtig uit, de cultuur spreekt mij aan en de taal is mooi. Ik kijk veel Japanse tekenfilms, maar ik wil het graag met mijn eigen ogen zien.”

En Hannah? “Ik ben al een hele tijd geïnteresseerd in extreme weersomstandigheden. Tornado’s, orkanen en al het extreme van de natuur. Ik wil heel graag naar Amerika, daar een bus huren waarmee ik door heel Amerika kan rijden om het extreme weer te bekijken. Een storm chaser. Misschien zou ik Helena eerst naar Japan brengen en daarna mijn weg naar Amerika vinden.”

Over een paar maanden vertrekt de Life Travelling Family met de fiets door Europa. Op hun facebookpagina (https://www.facebook.com/familieisrael/) kan je deze stoere meiden met hun familie volgen.