Riem-sneeuw3

Fietsen met riem in plaats van ketting bestaan al tien jaar! Het allereerste exemplaar rolde in 2009 van de werkbank in de Santos-fabriek. Wat toen een vreemd experiment leek, is nu een waardig alternatief voor de ketting. Met heel wat voordelen. Daarom hebben alle grote merken vandaag wel fietsen met riemaandrijving. Toch bestaan er nog enkele hardnekkige fabeltjes over de riem. Hoog tijd om die te weerleggen.

1. ‘Geen onderhoud nodig’

Hét grote voordeel van de riem? Die hoeft niet, zoals een ketting, geregeld ontvet en weer gesmeerd te worden. Die zet niet uit in de zomer, krimpt niet in de winter. Geen smerige handen wanneer er iets mee is. Maar dat betekent niet dat de riem helemaal géén onderhoud nodig heeft! Elke fiets moet je met respect verzorgen, of er nu een riem op zit of een ketting. Wel heeft een riem veel minder onderhoud nodig. Die kan best tegen vuil, veel beter dan een ketting. Maar een propere riem is nog altijd beter voor de andere onderdelen en het lakwerk dan eentje vol modder of strooizout.

2. ‘Een riem verslijt nooit’

Zeg nooit nooit. Een riem verslijt veel minder snel dan een ketting, dat klopt, maar helaas is élk materiaal onderhevig aan slijtage. Dat is trouwens niet alleen zo bij fietsen. Een riem is wel veel duurzamer dan een ketting en gaat dus een pak langer mee. Maar niet je hele leven. Op een degelijke Santos met stabiel stijf frame kun je tussen de 15 en 25.000 km rijden met een riem. Op een avontuurlijke mountainbike tussen de 4 en 8.000. Dit is natuurlijk afhankelijk van waar je fietst: in de modder of op de weg.

Gates-modder-riem

3. ‘Piepende riemen wijzen op slijtage'

Het kan gebeuren dat een riem plots gaat piepen. Maar dat heeft helemaal niets te maken met slijtage. Boosdoener is vaak het straatvuil tussen je riem en je tandwiel, meestal het voorste. Dat is helemaal niet erg. Borstel je riem gewoon even proper met een sopje zodat al het vuil weer weg is. Dat is snel gefikst. Je kunt daarna aan de zijkant van de riem, die tegen de geleiding loopt, een beschermende laag smeermiddel toevoegen. Zoals bijvoorbeeld teflon, siliconenspray of paraffine.

4. ‘Bij grote kracht beginnen riemen te rekken'

Niet dus. Riemen rekken niet onder menskracht. De gemiddelde fietser levert ongeveer 0,1 à 0,2 pk. Een profwielrenner ongeveer 0,4 pk en de allerbeste baansprinter drijft die kracht op tot ongeveer 1pk. Maar dat stelt allemaal niet veel voor. Daar kan de riem heus tegen zonder te rekken. Wel is zo dat de stugge riem wat soepeler wordt wanneer je die gebruikt. Die voelt dan anders aan en lijkt minder spanning te hebben. Maar dat is helemaal niet zo, de spanning blijft wel degelijk gelijk.

5. ‘Riemen zorgen voor extra slijtage van de lagers'

Nog zo’n misverstand dat we soms horen: een riem zou de lagers sneller doen slijten. Dat klopt niet. Want als je gaat fietsen met een riem of met een ketting, wordt de kracht enkel uitgeoefend bovenaan de riem of ketting, daar waar de riem of ketting van achter naar voor komt. Onderaan zul je merken dat, hoe hard je ook op de pedalen drukt, er geen spanning op zit. De spanning die op de lagers komt, is bij een riem of bij een ketting dus exact dezelfde.

Blog

5 prachtige fietstochten in België die we van harte aanbevelen!

Blog

Bike styling: de fiets met jouw karakter

Blog

Riem versus ketting: wat maakt een riem zo interessant?

Blog

10 praktische bikepacking tips om mee te beginnen

Bike Stories